Wanneer is het tijd om naar een logopedist te gaan?

In dit artikel Heeft mijn kind logopedie nodig? Spraak- en taalontwikkeling met Speech Blubs Normale taalmijlpalen en klinische signalen van een mogelijke communicatiestoornis Baby van 0-3 maanden...

Heeft mijn kind logopedie nodig

In dit artikel

  • Heeft mijn kind logopedie nodig?
  • Spraak- en taalontwikkeling met Speech Blubs
  • Normale taalmijlpalen en klinische signalen van een mogelijke communicatiestoornis
    • Baby van 0-3 maanden
    • Baby van 3-6 maanden
    • Baby van 6-9 maanden
    • Baby van 9-12 maanden
    • Peuter van 12-18 maanden
    • Peuter van 18-24 maanden
    • Peuter van 24-36 maanden
  • Waarom is een vroege diagnose belangrijk?

Heeft mijn kind logopedie nodig?

Eerst wil ik je iets vertellen over logopedisten. Dit zijn de professionals die je kind onderzoeken, beoordelen, een diagnose stellen en behandelen.

Een logopedist heeft een master- of doctoraatsdiploma op het gebied van communicatiestoornissen en moet een staats- en nationale vergunning hebben om te mogen werken. Waarschijnlijk ziet je kind een logopedist via een organisatie voor vroegtijdige interventie (als je kind 0-3 jaar oud is), of een logopedist op school.

Om te weten wanneer je met logopedie voor je peuter moet beginnen: er zijn bepaalde mijlpalen waar logopedisten naar kijken om vast te stellen of er sprake is van een communicatiestoornis. Deze mijlpalen kunnen ook besproken worden tijdens de regelmatige controles bij de kinderarts (meestal elke 3-6 maanden).

Het is dus heel belangrijk om alles wat je opvalt of waar je je zorgen over maakt te bespreken met de kinderarts. Als die op de hoogte is van de problemen, kan hij of zij je eerder doorverwijzen naar een logopedist. Zo kan je kind zich sneller ontwikkelen en vaardigheden leren dan wanneer de hulp later begint.

Bekijk de tabel hieronder voor een vergelijking tussen normale taalmijlpalen en signalen van mogelijke spraakstoornissen. Twijfel je? Praat er dan altijd over met je kinderarts!

Spraak- en taalontwikkeling met Speech Blubs

Speech Blubs is een fantastische logopedie-app met meer dan 1.500 activiteiten, gezichtsfilters, spraakgestuurde activiteiten en leerzame bonusvideo's.

Ouders over de hele wereld gebruiken de app al naast logopedie, en de resultaten zijn geweldig!

Normale taalmijlpalen en klinische signalen van een mogelijke communicatiestoornis

Baby van 0-3 maanden

Normale taalmijlpalen

Klinische signalen/redenen tot zorg

- Kijkt naar verzorger/anderen
- Wordt stil als reactie op geluid (vooral spraak)
- Huilt anders bij vermoeidheid, honger of pijn
- Glimlacht of brabbelt als reactie op de glimlach of stem van een ander

- Weinig reactie
- Geen besef van geluid
- Geen besef van de omgeving
- Huilen klinkt hetzelfde bij vermoeidheid, honger of pijn
- Problemen met zuigen/slikken

Baby van 3-6 maanden

Normale taalmijlpalen

Klinische signalen/redenen tot zorg

- Richt de blik op gezichten
- Reageert op de eigen naam door de stem te zoeken
- Lokaliseert regelmatig de geluidsbron/spreker
- Koeren, gorgelen, grinniken, lachen

- Kan zich niet focussen, raakt snel overprikkeld
- Geen besef van geluid, zoekt de geluidsbron/spreker niet
- Geen besef van mensen en voorwerpen in de omgeving

Baby van 6-9 maanden

Normale taalmijlpalen

Klinische signalen/redenen tot zorg

- Imiteert klanken van een ander
- Geniet van wederkerige spelletjes die een volwassene leidt (kiekeboe, klap eens in je handjes)
- Maakt verschillende klanken bij verschillende gemoedstoestanden
- Herkent bekende mensen. Imiteert bekende geluiden en handelingen
- Herhalend brabbelen (baba, mama-mama), klankspel met bewuste patronen, veel klanken die op woorden gaan lijken
- Huilt als de ouder de kamer verlaat (9 maanden)
- Reageert consequent op zachte spraak en omgevingsgeluiden
- Reikt naar een voorwerp om erom te vragen

- Lijkt de sociale beloning van interactie niet te begrijpen of ervan te genieten
- Weinig contact met volwassenen (zoals geen oogcontact, gedeelde blik, om de beurt klanken maken, wederkerige spelletjes)
- Geen gebrabbel of gebrabbel met weinig of geen medeklinkers

Baby van 9-12 maanden

Normale taalmijlpalen

Klinische signalen/redenen tot zorg

- Trekt de aandacht (klanken maken, hoesten)
- Schudt "nee", duwt ongewenste voorwerpen weg
- Zwaait "dag", maakt verzoeken duidelijk; stuurt het gedrag van anderen (laat voorwerpen zien), geeft voorwerpen aan volwassenen, tikt, trekt aan de volwassene, wijst naar gewenste voorwerpen
- Stemt handelingen af tussen voorwerpen en volwassene (kijkt heen en weer tussen volwassene en gewenst voorwerp)
- Imiteert nieuwe klanken/handelingen
- Brabbelt consequent herhalend, maakt klanken die klinken als eerste woordjes (mama, papa)

- Raakt snel van streek door geluiden die anderen niet storen
- Maakt niet duidelijk dat hij/zij een voorwerp wil terwijl hij/zij erop gericht is
- Stemt handelingen tussen voorwerpen en volwassenen niet af. Brabbelt niet consequent herhalend
- Reageert niet op een manier die laat zien dat woorden of communicatieve gebaren begrepen worden
- Is voor taalbegrip volledig afhankelijk van de context

Peuter van 12-18 maanden

Normale taalmijlpalen

Klinische signalen/redenen tot zorg

- Begint losse woordjes te zeggen
- Vraagt om voorwerpen: wijst, maakt klanken, gebruikt misschien benaderingen van woorden
- Vraagt aandacht: met de stem, fysiek, misschien met woorden (mama)
- Begrijpt dat een volwassene dingen voor hem/haar kan doen (een opwindspeeltje aanzetten)
- Gebruikt vaste woordjes (dag, hoi, dankjewel, alsjeblieft). Protesteert: zegt "nee", schudt het hoofd, loopt weg, duwt voorwerpen weg
- Becommentarieert: wijst naar voorwerpen, maakt klanken of gebruikt een benadering van een woord
- Bevestigt: oogcontact, reactie met de stem, herhaling van woorden

- Gebruikt geen communicatieve gebaren
- Probeert niet om losse woorden na te zeggen of spontaan te gebruiken om iets duidelijk te maken
- Houdt communicatie niet vol (geeft een voorwerp aan een volwassene voor hulp, maar geeft het op als de volwassene niet meteen reageert)
- Beperkte passieve woordenschat (begrijpt minder dan 50 woorden of zinnetjes zonder gebaren of contextaanwijzingen)
- Beperkte actieve woordenschat (zegt minder dan 10 woorden)
- Geen groei in actieve woordenschat in de periode van 6 maanden tussen 12 en 18 maanden

Peuter van 18-24 maanden

Normale taalmijlpalen

Klinische signalen/redenen tot zorg

- Communiceert vooral met woorden
- Begint 2 woorden te combineren; de eerste combinaties zijn meestal uit het hoofd geleerd en worden in 1 à 2 situaties gebruikt
- Gebruikt rond 24 maanden combinaties met een betekenisrelatie ("meer koekje", "papa schoen") en gebruikt ze flexibeler
- Kent rond 24 maanden minstens 50 woorden, die benaderingen van de volwassen vorm kunnen zijn

- Vertrouwt op gebaren zonder te praten
- Beperkte actieve woordenschat (zegt minder dan 50 woorden)
- Combineert nooit 2 woorden
- Gebruikt weinig medeklinkers. Spraak grotendeels onverstaanbaar
- Benoemt dwangmatig voorwerpen in plaats van iets te vertellen of te vragen
- Achteruitgang in taalontwikkeling, stopt met praten of begint gehoorde zinnetjes na te zeggen, vaak op ongepaste momenten

Peuter van 24-36 maanden

Normale taalmijlpalen

Klinische signalen/redenen tot zorg

- Voert korte gesprekjes en uit emoties
- Begint taal fantasierijk te gebruiken
- Begint beschrijvende details te geven zodat de luisteraar het beter begrijpt
- Gebruikt manieren om aandacht te trekken (hé)
- Kan losse ideeën en verhaalelementen met elkaar verbinden
- Begint lidwoorden (een, de, het) en woorduitgangen te gebruiken (zoals -t bij werkwoorden), regelmatig meervoud -en/-s (katten), is + bijvoeglijk naamwoord (bal is rood) en de regelmatige verleden tijd -de/-te

- Woorden beperkt tot één lettergreep zonder slotmedeklinker
- Weinig of geen uitingen van meerdere woorden
- Vraagt geen reactie van luisteraars
- Stelt geen vragen
- Slecht verstaanbare spraak
- Vaak driftbuien als hij/zij niet begrepen wordt
- Napraten of "papegaaien" zonder communicatieve bedoeling

Onthoud: niet alle kinderen ontwikkelen zich in hetzelfde tempo. Jongens ontwikkelen bijvoorbeeld sneller motorische vaardigheden dan meisjes, maar meisjes ontwikkelen (meestal) sneller spraak- en taalvaardigheden dan jongens.

MAAR als je kind op 3,5-jarige leeftijd minder dan 50-75% van de tijd verstaan wordt, zoek dan zeker een logopedist op. Onderzoek laat zien dat hoe eerder een kind de nodige hulp krijgt, hoe beter het erin slaagt om leeftijdsgenoten in te halen.

Waarom is een vroege diagnose belangrijk?

Een vroege diagnose is belangrijk omdat kinderen moeten kunnen communiceren met onbekende luisteraars, of met mensen die ze niet hun hele leven al kennen. Ze krijgen problemen als ze niet kunnen vertellen dat ze naar de wc moeten of zich niet lekker voelen. Dat kan leiden tot:

  • Een kind dat steeds meer gefrustreerd raakt,
  • Lastig gedrag omdat het niet krijgt wat het nodig heeft,
  • Achterstand op school omdat het niet kan laten weten wanneer het iets niet begrijpt,
  • Sociaal isolement omdat andere kinderen het kind met een achterstand misschien niet begrijpen en communicatie uit de weg gaan.

Kortom: bekijk de tabel die ik in deze blog heb opgenomen.

Loopt je kind meer dan één leeftijdsgroep achter? Zoek dan zeker een logopedist op en laat je kind goed onderzoeken.

Zoals altijd: stel gerust je vragen! Om spraak en taal te oefenen: download Speech Blubs!

Terug naar alle artikelen