Wat is het Picture Exchange Communication System (PECS)?

Het Picture Exchange Communication System, beter bekend als PECS, stelt iemand in staat te communiceren zonder woorden te gebruiken. In feite geeft het een 'stem' aan iemand die geen woorden gebruikt om...

pecs

Het Picture Exchange Communication System, beter bekend als PECS, stelt iemand in staat te communiceren zonder woorden te gebruiken. In feite geeft het een 'stem' aan iemand die geen woorden gebruikt om behoeften en wensen duidelijk te maken.

Ouders, leerkrachten en therapeuten gebruiken dit systeem allemaal voor kinderen met autisme en andere ontwikkelingsstoornissen. Als je merkt dat je kind hulp nodig heeft bij het communiceren van zijn of haar behoeften, is PECS misschien wel dé oplossing!

Met PECS kan iemand toch communiceren zonder woorden te gebruiken.

De geschiedenis van PECS

PECS is een officieel gedeponeerd programma dat is uitgebracht door Pyramid Educational Consultants en in de jaren 80 is ontwikkeld door Andrew Bondy en Lori Frost. Dit visuele communicatiesysteem staat bekend om zijn plaatjeskaartjes. Maar PECS draait vooral om een specifieke methode om een kind te leren communiceren met behulp van afbeeldingen.

Om dit communicatiemiddel te laten slagen, bestaat het programma uit zes fasen. Rond elke fase eerst af voordat je met de volgende begint. Fase één moet bijvoorbeeld altijd voorafgaan aan fase twee. Deze opeenvolgende fasen zijn speciaal ontworpen om een stevige communicatiebasis te leggen tussen een kind en een verzorger.

boy-reading-a-book

Onderzoek wijst uit dat kinderen vanaf de leeftijd van drie jaar qua ontwikkeling plaatjes goed kunnen begrijpen. Daarom wordt het uitwisselen van prenten vaak aangeraden voor kinderen vanaf drie jaar. Veel logopedisten zetten PECS tegenwoordig in voor zowel kortdurend als langdurig gebruik.

Hoewel het doel van elk communicatiesysteem is om te helpen bij de ontwikkeling van gesproken taal, kan het ook dienen als primaire vorm van communicatie. Sommige kinderen doorlopen de zes fasen van het systeem en leren gesproken taal. Anderen blijven PECS gebruiken voor 'functionele' communicatie.

Is PECS geschikt voor mijn kind?

Het Picture Exchange Communication System is ideaal voor kinderen die:

Een 'intentionele' communicator is een kind dat de behoefte voelt om iets duidelijk te maken. Als een kind een 'intentionele' communicator is, loopt hij of zij bijvoorbeeld naar een volwassene toe, pakt de hand van de verzorger en leidt die naar iets wat hij of zij wil hebben.

Wat zijn de fasen van PECS?

Fase 1: Leren communiceren

Fase één draait om leren communiceren. Deze eerste stap in het communicatiesysteem is cruciaal om een kind te leren hoe het zijn of haar behoeften duidelijk kan maken met behulp van plaatjes. Om dit voor elkaar te krijgen, kan een verzorger of therapeut het beste iets gebruiken wat het kind heel erg motiveert.

Als een kind bijvoorbeeld dol is op speelgoedtreinen, gebruik je een plaatje van een trein om het kind te stimuleren het plaatje te ruilen voor de speelgoedtrein.

In fase één wordt er telkens maar één plaatje geruild. Zo ontstaat er minder verwarring en bouw je een stevige basis op voor het communiceren met afbeeldingen. Dit kan worden gedaan doordat de ene volwassene een voorwerp vasthoudt en een tweede volwassene achter het kind zachtjes het handje stuurt om het plaatje te pakken en aan de andere volwassene te overhandigen.

Fase 2: Afstand en volharding leren

Fase twee bouwt voort op fase één. Het kind communiceert niet alleen nog steeds door een plaatje te ruilen, maar leert ook volharding en omgaan met afstand. In plaats van dat een plaatje vlakbij ligt, moet het kind er nu naartoe lopen om iets gedaan te krijgen.

Om een kind volharding te leren, heeft een volwassene een plaatje vast van een voorwerp dat het kind wil hebben, en loopt vervolgens een stukje weg. Het kind moet dan naar de volwassene toe komen om het plaatjeskaartje te bemachtigen.

Fase 3: Keuzes maken

In fase drie worden er twee plaatjes aan het kind aangeboden. Meestal is één plaatje iets wat het kind niet wil, en het andere iets wat het kind wel graag wil hebben. Dit stimuleert het kind om een keuze te maken tussen twee afbeeldingen.

Bij deze stap in het communicatiesysteem moet het kind goed naar de kaartjes kijken en ze vergelijken om een keuze te maken die aansluit bij wat het wil.

Fase 4: Gevoelens en behoeften uiten

Dit is de fase waarin plaatjes en woorden worden samengevoegd. In deze fase wordt een nieuwe set kaartjes geïntroduceerd met alleen woorden. Op sommige van die kaartjes staan zinsdelen zoals:

"Ik wil . . ."

OF

"Ik heb nodig . . ."

OF

"Ik voel me . . ."

Deze korte zinnen worden vervolgens gecombineerd met een plaatje om aan te geven wat het kind wil, voelt of nodig heeft. Voor sommige kinderen is dit de laatste stap binnen dit beeldcommunicatiesysteem.

Fase 5: Een vraag beantwoorden

Deze fase draait om het beantwoorden van een vraag met behulp van zinsstroken en plaatjes. Als aan een kind wordt gevraagd: "Wat wil je graag doen?", kan het kind zinskaartjes en plaatjes combineren om de vraag te beantwoorden.

Het is belangrijk om te weten dat lang niet elk kind na fase vier doorstroomt naar fase vijf. Maar dat is helemaal niet erg! Zolang het kind maar 'functionele' communicatie heeft geleerd om in zijn of haar basisbehoeften te voorzien.

Om vragen te kunnen beantwoorden, wordt er vaak een klittenbandstrook of een communicatiemap gebruikt. Een kind plakt eerst een kaartje met een kort zinsdeel zoals "Ik wil" op een strook klittenband. Daarna wordt het plaatje van het gewenste voorwerp ernaast geplaatst. In dit stadium van PECS gaan veel kinderen de zin ook hardop uitspreken.

Dit is een geweldige ontwikkelingsstap voor kinderen met taalproblemen.

Fase 6: Reageren op een vraag

Sommigen zien fase zes van het Picture Exchange Communication System niet als een 'echte' fase en slaan deze vaak over, omdat hij sterk lijkt op fase vijf. Toch is deze fase zeker het vermelden waard, omdat het een verdere verdieping is van de vorige stap.

Fase zes bouwt voort op fase vijf door een kind te leren reageren op een vraag. Een volwassene vraagt het kind bijvoorbeeld: "Wat zie je?" Om te antwoorden moet het kind alles wat het in eerdere fasen van PECS heeft geleerd combineren en logisch nadenken om tot een antwoord te komen. Het kind reageert dan met een "Ik zie . . ."-kaartje en een plaatje van wat het daadwerkelijk ziet.

Let op verbaal en non-verbaal gedrag

Het Picture Exchange Communication System (PECS) is een prachtig hulpmiddel voor elk kind dat de intentie toont om zijn of haar behoeften duidelijk te maken. Het is vaak een van de eerste hulpmiddelen die worden ingezet voor kinderen in het autismespectrum die weinig tot niet spreken.

Zelf ben ik nu begonnen met PECS voor mijn non-verbale driejarige. Eerlijk gezegd is het een flinke uitdaging, want doordat alles gesloten is vanwege de lockdowns, kan hij op dit moment niet naar zijn therapieafspraken. Dat betekent dat ik zelf alles moet uitzoeken en met PECS moet starten zonder directe hulp van een logopedist. We hebben wel contact via e-mail, maar dat is toch niet hetzelfde als samen met een logopedist in levenden lijve met mijn zoontje aan de slag gaan.

De tijd zal leren hoe goed mijn zoontje aan het beeldsysteem went. Ik blijf hoop houden op een betere manier van communiceren tussen ons tweeën, zodat ik beter op zijn behoeften kan inspelen met minder frustratie en driftbuien. Ik vertrouw erop dat het rustig doorlopen van de fasen van PECS zijn spraakontwikkeling zal stimuleren en hem uiteindelijk weer aan het praten krijgt!

Terug naar alle artikelen