5 tips voor het opvoeden van een kind met autisme
Het opvoeden en begrenzen van een kind op het autismespectrum is nog uitdagender dan normaal. Wat je dacht te weten over discipline met traditionele methoden, werkt hoogstwaarschijnlijk niet bij een...
Het begrenzen en opvoeden van een kind op het autismespectrum is nog uitdagender dan normaal. Wat je dacht te weten over het corrigeren van een kind met traditionele methoden, werkt hoogstwaarschijnlijk niet bij een kind met autisme. Gewapend met wat extra geduld is het misschien tijd om je opvoedstrategie eens opnieuw onder de loep te nemen.
Autisme heeft invloed op meerdere aspecten van het leven van een kind. Bepaalde gedragingen zorgen echter voor extra uitdagingen als het op discipline en grenzen stellen aankomt.
Enkele veelvoorkomende gedragsuitdagingen zijn:
- Moeite met het begrijpen van consequenties
- Onveilige situaties niet goed kunnen inschatten
- Problemen met het reguleren van emoties
- De behoefte aan een vaste, voorspelbare routine
- Moeite met het communiceren van behoeften (vooral bij niet-sprekende kinderen)
- Prikkelverwerkingsproblemen
Hoewel traditionele methoden niet werken bij een kind met autisme, kan het gedrag van je kind met veel geduld en kleine aanpassingen in je aanpak zeker een positieve wending nemen.

Opvoedtips voor een kind met autisme
1. Verdiep je in autisme
Deze eerste tip is misschien wel de eenvoudigste, maar meteen ook de belangrijkste. Het mooiste cadeau dat je jezelf en je kind kunt geven, is een beter begrip van autisme. Er bestaan veel misverstanden over, vooral rondom gedragsproblemen. Maar een kind met autisme heeft net zo goed duidelijke grenzen en sturing nodig bij ongewenst gedrag als ieder ander kind.
Om je kind met autisme goed te begeleiden, is kennis cruciaal! Als je niet weet hoe je kind leert en de wereld begrijpt, hoe kun je het dan helpen om nieuw, positief gedrag aan te leren? Kinderen met autisme hebben unieke gedragsmatige en psychologische factoren die hun ontwikkeling beïnvloeden.
Hier zijn een paar eenvoudige manieren om meer over autisme te leren:
- Zoeken op internet naar betrouwbare informatie over autisme
- Artikelen over autisme lezen op de blog van Speech Blubs
- In gesprek gaan met het zorgteam van je kind (therapeuten, artsen en leerkrachten)
- Ervaringen uitwisselen met een andere ouder van een kind met autisme
2. Veiligheid voorop
Kom je in een situatie terecht die emotioneel of fysiek gevaarlijk is voor je kind of iemand anders? Denk dan altijd: ‘veiligheid eerst’ en haal je kind direct uit de situatie. Een kind met autisme kan moeite hebben om in te schatten wanneer een situatie uit de hand loopt of gevaarlijk wordt.
Een kind met autisme begrijpt bijvoorbeeld misschien niet het concept van een speeltje delen met een broertje of zusje. Het kind kan dan gaan slaan. Omdat er fysiek geweld tegen een ander kind bij komt kijken, kun je je kind het beste meenemen naar een rustige plek tot het zijn of haar emoties weer onder controle heeft.
Hoewel het belangrijk is om je kind aan te spreken op ongewenst gedrag, is het nóg belangrijker om de veiligheid van je kind en anderen te waarborgen als een situatie escaleert.
3. Positief opvoeden
Negatieve discipline draait om straffen voor wangedrag, terwijl positief opvoeden juist gaat over praten, begrijpen en het stimuleren van gewenst gedrag. De beste manier om met positieve discipline te beginnen, is door je kind te prijzen voor goed gedrag, bijvoorbeeld met beloningen zoals een beloningskaart met stickers. Dit helpt je kind visueel te begrijpen dat goed gedrag iets moois oplevert.
4. Leer vaardigheden om tot rust te komen
Zelfregulatiestrategieën helpen je kind te kalmeren als het overprikkeld, angstig of gefrustreerd raakt. Afhankelijk van hoe goed je kind zichzelf kan kalmeren, kan het meltdowns of woedeaanvallen helpen ombuigen of voorkomen voordat ze ontstaan.
Voor sommige kinderen met autisme kost het tijd om te leren hoe ze zichzelf kunnen kalmeren op stressvolle momenten. Maar je kunt je kind begeleiden met rustgevende oefeningen door triggers op tijd te herkennen en de aandacht te verleggen naar een kalmerende activiteit.
Hier zijn enkele voorbeelden van rustgevende vaardigheden om je kind te leren:
- Diepe ademhalingsoefeningen
- Een wandeling maken of even springen op de trampoline
- Een verzwaringsdeken gebruiken
- Een koptelefoon met ruisonderdrukking (noise-cancelling) dragen
- Spelen met sensorisch speelgoed
- Naar een prikkelarme hoek of snoezelruimte gaan

5. Wees consequent
Consequentie en structuur zijn essentieel bij het vormgeven van duidelijke grenzen voor een kind met autisme.
Wanneer je consequent bent in je aanpak, weet je kind precies waar het aan toe is bij ongewenst gedrag. Een inconsistente aanpak leidt juist tot verwarring; je kind begrijpt de gevolgen van zijn of haar acties dan niet goed, wat tot nog meer gedragsproblemen kan leiden.
Conclusie
Grenzen stellen is voor iedere ouder een uitdaging. Maar bij de opvoeding van een kind met autisme balanceer je voortdurend op een dunne lijn tussen het negeren van slecht gedrag en het vervallen in negatieve sancties zoals fysiek straffen. Traditionele strafmethoden werken echter niet bij kinderen op het autismespectrum en werken vaak averechts, waardoor het ongewenste gedrag juist aanhoudt.
Als je worstelt met het begrenzen van je kind met autisme, aarzel dan niet om hulp te vragen aan therapeuten of andere ouders van kinderen met autisme om samen te zoeken naar wat wél werkt voor jouw kind. Het mooiste wat je kunt doen om je liefde en begrip voor autisme te tonen, is jezelf blijven informeren en erin geloven dat je kind nieuw gedrag kan leren en mag leren van fouten.
Door Liz Talton